Medewerker Beleid en Publiciteit NASF

Ik moet staan achter wat ik doe

Lotti Atherton-Tessel, 30 jaar
Afgestudeerd in 2005
Medewerker Beleid en Publiciteit bij het Nederlands Albert Schweitzer Fonds

foto Martine Albitrouw

Albert Schweitzer was arts, theoloog, musicus en filosoof. Hij wijdde zijn leven aan het toepassen van zijn levensfilosofie ‘Eerbied voor het leven’: respect voor het leven is het hoogste goed. Een van zijn bekendste verrichtingen was het oprichten van het Lambaréné-ziekenhuis in Gabon. In 1952 ontving hij voor zijn werk en ethiek de Nobelprijs voor de Vrede.

In Nederland werd een groep mensen geïnspireerd door de ideeën en het werk van Albert Schweitzer. Ze richtten in 1930 een stichting op om giften in te zamelen voor het ondersteunen van kleinschalige ontwikkelingsprojecten. Deze stichting heet tegenwoordig het Nederlands Albert Schweitzer Fonds (NASF) en steunt met een ‘microgift’ het opstarten van kleinschalige en lokale initiatieven, vooral in Afrika en met name op het gebied van de gezondheidszorg. Zoals een groep vrouwen in Kenia die een eigen handel zijn begonnen met hun tuin en naaiatelier, om schoolgeld voor hun kinderen en ziektekosten te kunnen betalen. Lotti Atherton-Tessel is een van de twee betaalde medewerkers van het fonds; ze houdt zich bezig met het beleid en de publiciteit.

Na een jaar reizen en vrijwilligerswerk doen in Midden- en Zuid-Amerika, wist ze dat ze zich in haar werk wilde inzetten voor ontwikkelingssamenwerking. Ze hielp in Belize schoolkinderen een biologische tuin aan te leggen, werkte voor een ecotoerismeproject in Ecuador en was oppasser van Kapucijnaapjes in Bolivia. “Dit jaar zette me aan het denken over wat belangrijk is in het leven en wat je zelf kunt bijdragen,” vertelt Lotti.

Culturele antropologie leek haar een studie die een waardevolle bijdrage kan leveren aan de ontwikkelingssamenwerking. “Ik wilde een studie doen in de lijn van mijn interesse voor culturen en mensen, om daarmee de diepte in te gaan, theoretisch bezig te zijn. Culturele antropologie heeft me echt die kant op gestuurd. Het was een hele goede aanvulling op de veel praktischer hbo-opleiding International Business, die ik afrondde voordat ik op reis ging. Deze combinatie van praktijk en wetenschap was ideaal voor mij. Bovendien had ik nu voordat ik Culturele antropologie ging studeren al wat meer levenservaring.”

Om ervaring op te doen in de ontwikkelingssamenwerking  begon ze na haar studie als vrijwilliger voor de Stichting Stedenband Haarlem-Mutare (Zimbabwe). Daar zette ze een uitwisseling op van jongeren van beide steden. Via een vacature vanuit een intern netwerk belandde ze daarna bij de Stichting NASF, waar ze zich het afgelopen jaar voornamelijk heeft beziggehouden met de publiciteit, om het draagvlak van de stichting te vergroten. Ze introduceerde bijvoorbeeld een jongerenprogramma waarin een tiental jongeren het NASF vertegenwoordigt binnen Nederland. Zij organiseren zelf evenementen om andere jongeren warm te maken voor het gedachtegoed van Albert Schweitzer en ontwikkelings-samenwerking. Als de publiciteit op de rails staat, gaat Lotti het beleid rondom de ontwikkelingsprojecten herschrijven. Ze verwacht dat Culturele antropologie dan meer zal terugkomen in haar functie. Lotti: “Het belangrijkste vind ik dat ik werk doe waar ik volledig achter sta. Ik werk nu voor een stichting waarvan ik de doelstellingen en het gedachtegoed kan onderschrijven. Ik weet waarvoor ik het doe en vind wat ik doe heel erg leuk.”