Prof. dr. Heather Sutherland
Nederland ontdekt de historische antropologie
“Hedendaagse maatschappelijke problemen moeten we in context plaatsen door kennis vanuit de antropologie en de geschiedenis samen te voegen”, zegt Heather Sutherland, hoogleraar in de niet-westerse geschiedenis. Vanaf komend studiejaar kunnen studenten zich verdiepen in een combinatie van de twee vakgebieden.
“Nederland wint zich vreselijk op over dingen die eigenlijk heel bekend zijn”, meent scheidend VU-hoogleraar in de niet-westerse geschiedenis Heather Sutherland. De van oorsprong Australische denkt dat we er veel van kunnen leren als actuele gebeurtenissen meer in een historische context geplaatst worden. “Op het moment woedt in Nederland een hysterische retoriek over de islam. Bekijken we het over een langere periode van bijvoorbeeld vijftig of honderd jaar, dan zien we dat etnische spanningen opkomen en weer gaan. Ze zijn niet zo zeer een beslissende crisis, maar gewoon een factor in de sociale processen in Nederland.”
Sutherland (65) bepleit dat een combinatie van geschiedenis en antropologie een relativerende en afkoelende blik kan werpen op de samenleving. “De antropologische discipline is gespecialiseerd in het begrijpen van en omgaan met culturele verschillen en veranderingen”, zegt ze. “En historici leren ons dat je ook moet kijken naar de lange termijn en de processen die zich vaak heel langzaam ontvouwen.”
Onaanvaardbaar
Bij haar aanstaande vertrek van de VU laat ze dan ook nieuwe mogelijkheden na voor studenten om af te studeren in een combinatie van die vakgebieden. “Een historicus is opgeleid om heel sceptisch en voorzichtig om te gaan met bronnen, terwijl de antropologie beter is ontwikkeld in het gebruik van theorie. Studenten kunnen veel van beide kanten leren.” Ook om de onderzoeksmethoden van andere disciplines niet te gaan onderschatten, wat volgens Sutherland nu vaak het geval is. “Antropologen lijken te denken dat ze een archief in kunnen lopen, er even een paar leuke voorbeelden uit kunnen plukken, om zich vervolgens snel weer om te draaien. Dat is onaanvaardbaar voor een historicus. Andersom lezen historici één of twee artikelen van de antropologen, nemen gewoon een theorie over en passen die vaak gedeeltelijk toe, op een manier die voor een antropoloog onverantwoord is.”
In Nederland is de combinatie geschiedenis-antropologie niet zo vanzelfsprekend als in Sutherlands thuisland. Haar studie in de niet-westerse geschiedenis (“een vreselijke titel”) hield altijd zowel archiefonderzoek in als veldwerk en mensen interviewen. De afgelopen jaren deed ze op die manier onderzoek naar de sociaal-economische geschiedenis van Makassar vanaf de late 17e eeuw tot nu. Dat is een havenstad in Indonesië en een van de provinciehoofdsteden op het eiland Celebes. “Makassar is interessant vanwege de zeer diverse bevolking, en omdat de stad een schakel vormt in allerlei transnationale handelsnetwerken en tegelijkertijd als provinciehoofdstad een vertegenwoordiger is van het gezag, eerst van het Nederlands bestuur – de VOC of de koloniale staat – en later van de Indonesische staat.”
Spanning
Dat brengt spanning met zich mee. Sutherland: “Aan de ene kant bestaat de economische noodzaak om open te zijn en toegang te geven aan allerlei etnische groepen, om deel te nemen aan de handelswereld. En aan de andere kant wil de staat dat de mensen hun loyaliteit richten op het regime van dat moment.” Ze beschrijft dat die wens – en in bepaalde opzichten ook de behoefte van de bevolking om een rustige en voorspelbare omgeving te hebben – op gespannen voet staat met de mobiliteit die samenvalt met de economische afhankelijkheid van een open interactie met de wereld.
Dat geldt niet alleen voor Makassar in de afgelopen eeuwen. “Het is een plek die heel ver weg is, maar het bestuderen van de processen van identiteitsvorming en sociale veranderingen is ook relevant voor andere gebieden”, aldus Sutherland. “Duik maar eens in het Amsterdam van de 17e eeuw. Dan zie je een stad waar bijvoorbeeld veel Duitsers woonden, waar veel sociale spanningen waren en geregeld rellen uitbraken. De mensen lijken te geloven dat de idealistische jaren vijftig altijd de norm waren in Nederland – daar komt ook zo’n uitspraak van Balkenende vandaan dat de VOC-geest terug moet komen – maar dat zijn slechts historische mythes.” En daar kunnen historisch-antropologen ons van verlossen.
door Marieke Kolkman, medewerker communicatie FSW, 15 mei 2008
