Home > Alumni > Alumni aan het werk > Bestuurskundigen > Directeur bijzondere projecten Humanitas

Directeur bijzondere projecten Humanitas

Een sociale opleiding vormt een brede basis voor de toekomst

Marius Ernsting, 59 jaar
Afgestudeerd in 1973
Directeur bijzondere projecten bij Humanitas

“Ik heb mijn dagelijkse werkzaamheden altijd gecombineerd met actieve politiek. Slechts die periode dat ik voor de CPN in de Tweede Kamer zat, ben ik primair met politiek bezig geweest.”

De fascinatie van Marius Ernsting is richting geven aan de samenleving en de veranderingen daarbinnen. Hij begon als teamleider in een buurthuis in Slotervaart en groeide door tot algemeen directeur van de vereniging Humanitas, om uiteindelijk bekroond te worden met een onderscheiding van de koningin. Sinds zijn aftreden vorig jaar als algemeen directeur is hij nog deeltijd-directeur bijzondere projecten bij Humanitas. Daarnaast doet hij nog duizend andere dingen, bijvoorbeeld voorzitten van de Vereniging Nederlandse Organisatie Vrijwilligerswerk en een operagezelschap in Friesland, bestuurswerk voor de website Buurtlink, advieswerk voor de goededoelenloterijen.

Marius studeerde Politicologie en koos als afstudeerrichting Bestuurskunde. Politicologie noemt hij een encyclopedische studie: “Er kwam veel voorbij, maar het ging niet de diepte in: economie, psychologie, statistiek, filosofie, sociologie, politiek, bestuurskunde. Je kreeg van alles wat, genoeg om de studie interessant te maken, maar ik heb niet het gevoel gehad met een wetenschappelijke discipline bezig te zijn. Toen ik daarna met Bestuurskunde aan de slag ging, kwam dit gevoel wel. Het was meer toegespitst: hoe verloopt het besluitvormingsproces en hoe verlopen de machtsfactoren daarbinnen? Hoe oefen je invloed uit? Dit was meer toegepaste wetenschap.” Het onderwijs was projectgericht, vergelijkbaar met het huidige studiehuis. Je koos met een groep andere studenten een project uit om hier onder begeleiding van een wetenschappelijk medewerker tamelijk zelfstandig mee aan de slag te gaan. Marius hield zich in dit kader drie jaar bezig met een project over de geplande stadssanering in Amsterdam West aan het einde van de jaren ‘60. Er werd onderzocht in hoeverre buurtbewoners inspraak hadden in de beslissingen over de vernieuwing van hun wijk en hoe deze bevorderd kon worden.

Van hieruit werd Marius gevraagd teamleider te worden van een buurthuis in Slotervaart. Deze functie was ‘puur overleven’ en had niet veel te maken met Bestuurskunde. Na drie jaar solliciteerde Marius verder voor een meer relevante functie. “Dit is eigenlijk de enige keer dat ik echt gesolliciteerd heb, dus dat ik geen idee had van tevoren of ik het zou worden of niet.” Hij kwam terecht bij de Vereniging voor Nederlandse gemeenten in Den Haag, waar hij onderzoek uitvoerde in opdracht van gemeenten en later kwam te werken op de beleidsafdeling onderwijs. Na 5 jaar Den Haag wilde Marius dichter bij huis werken en werd gevraagd als directeur van een koepel van 25 jongerencentra in Amsterdam-Centrum en Oud-West. “Hier heb ik met veel organisatievraagstukken te maken gehad. Die koepels waren nog heel klassiek georganiseerd: je had een koepel voor sociaal-democratische clubhuizen, een voor protestanten, een voor katholieken. We hebben dat helemaal omgegooid en de koepels verdeeld over de verschillende stadsdelen,” vertelt Marius.

In zijn vrije tijd was Marius voor de CPN lid van de stadsdeelraad van Amsterdam-Noord. In oktober 1983 stapte iemand tussentijds uit de kamer en werd Marius plotseling kamerlid. “Moest ik weer naar Den Haag,” lacht hij. “En nu werd het helemaal gortig, want in een kleine fractie in de Tweede Kamer zitten betekent vroeg op en heel laat thuis.” Na rampzalige verkiezingen voor links in 1986 verloor de CPN alle zetels en stond Marius op straat. Hij besloot voor zichzelf te beginnen als adviseur op het brede terrein van welzijn, sociaal beleid en cultuur, terwijl hij daarnaast in de Provinciale Staten van de provincie Noord-Holland zat voor de CPN/GroenLinks. Tien jaar heeft hij zijn eigen bedrijf gerund. Dat ging erg goed, maar het was ook druk en door de relatief korte projecten bleef het langetermijnresultaat vaak onzichtbaar. Een telefoontje met de vraag of hij als algemeen directeur wilde solliciteren, deed hem uiteindelijk belanden bij de vereniging Humanitas.

“Dat heb ik tien jaar met heel veel plezier en succes gedaan. De vereniging is in mijn periode als directeur vier keer zo groot geworden. Van 60 naar 250 medewerkers, met een grote uitbreiding van het aantal activiteiten,” vertelt Marius. ”Toen ik in 1995 de Provinciale Staten verliet, had ik er 14 jaar in de actieve politiek op zitten. Wat me erg aansprak in Humanitas is dat ik meer in de maatschappelijke sfeer bezig zou zijn, maar wel met een politiek tintje.”

Bestuurskunde vormt een brede basis voor zijn loopbaan. Marius voegt daaraan toe dat hij zeker zoveel geleerd heeft van alles wat hij naast zijn studie deed: de Faculteitsbeweging, de studentenraad, het landelijk bestuur van de studentenvakbeweging, de Nederlandse studentenraad. Daar leer je standpunten ontwikkelen en spreken in het openbaar.

Voor studenten van nu heeft Marius twee adviezen: kies al in je studie welke richting je uit wilt, want dat bepaalt je inzetbaarheid op de arbeidsmarkt, en wees actief rondom je studie, doe meer dan je moet doen. “Je moet er zelf wat van maken, anders kom je nooit behoorlijk aan de bak.”

© Copyright Vrije Universiteit Amsterdam

spamfuik@vu.nl